Ga naar de inhoud

Helaas, de wereld heeft mij nodig

In een zinvolle discussie wordt door minstens een van de deelnemende partijen moeite gedaan om misverstanden boven tafel te krijgen, zodat de partijen elkaar goed kunnen verstaan. Vaak is op dit punt de discussie al niet eens meer nodig, omdat de meeste discussies juist door misverstanden in leven worden gehouden. Mocht dat niet het geval zijn, dan kunnen de partijen nadat de misverstanden uit de weg zijn geruimd, hun mening kenbaar maken, in de wetenschap dat de ander luistert.

En dan is er pas een gesprek.

In de media – en vooral op tv – zie je zulke discussies nog maar heel weinig, omdat ze daar in de eerste plaats worden gevoerd om de domheid van een ander aan te tonen, om die ander door de mand te doen vallen. De discussie wordt gevoerd om de discussie te winnen, niet om de ander te begrijpen. Elkaar proberen te begrijpen is dan zelfs onhandig, want wanneer je begrijpt wat de ander bedoelt, wordt het steeds moeilijker om diegene als onwetend schaap af te schilderen.

Gelukkig is de zinvolle discussie in huiskamers nog wél populair. Dat komt omdat relaties binnen families en vriendengroepen niet afhankelijk zijn van meningsverschillen. Politici die het met elkaar eens zijn, kunnen de ander niet meer gebruiken om zichzelf te profileren, en dan zijn ze gauw uitgesproken. Daarom benadrukken ze de verschillen zo vaak mogelijk, want dan val je op, dan creëer je het beeld van een Waarheid die alleen Ik zie, waarmee je de mensen die, ten onrechte, denken dat ze veel dommer zijn dan die charmante politicus in dat maatpak, kunt overtuigen van jouw gelijk.

Familieleden en vrienden voeren politieke discussies ook weleens om deze reden, want ze zijn geneigd politici na te praten, maar lang niet altijd. Soms komt er een moment waarop een misverstand wordt blootgelegd, bijvoorbeeld wanneer broer en zus zich afvragen wat de ander nu precies duidelijk wil maken. Dan begint de broer naar zijn zus te luisteren, er ontstaat begrip voor haar mening en op basis daarvan legt hij uit waarom hij het anders ziet, of hij geeft haar gelijk.

Recent kwam ik zelf in zo’n huiskamerdiscussie terecht.

Iemand vroeg zich af waarom niet volledig duidelijk is dat het klimaatprobleem bestaat en door de mens is gecreëerd, terwijl dat volgens velen zo klaar als een klontje zou moeten zijn – bijvoorbeeld die 97 procent wetenschappelijke overeenstemming die door groene politici zo gretig wordt genoemd.

Ik realiseerde mij toen dat ik iedereen die vraagtekens zet bij die zekerheid afdeed als dom, niet door dat letterlijk zo te zeggen, maar door mijn houding, door te doen alsof kennis over het klimaat een vanzelfsprekendheid is, terwijl het in feite grotendeels is gebaseerd op intuïtie, op mijn vertrouwen in bepaalde media en de wetenschappers die daarin worden aangehaald.

Als je zelf niet die overtuiging hebt, of dat vertrouwen in media en wetenschappelijke instanties, dan is het heel frustrerend dat je, wanneer je je afvraagt hoe al die mensen die overtuiging zo logisch vinden, belachelijk wordt gemaakt met precies diezelfde overtuiging.

Sterker nog: de vraag waar die zekerheid vandaan komt is een veel wijzere houding dan zomaar aannemen dat het klimaat door de mens wordt verkloot omdat mensen die je hoog hebt zitten dat zeggen, waarna je alle sceptici de mond snoert door te doen alsof ze dom zijn, terwijl ze niet dommer zijn dan jij, misschien zelfs slimmer, omdat ze de belangrijkste vraag stellen die er is: hoe weet ik dat eigenlijk?

Het gevaar is dat ze die vraag beantwoorden met nietszeggende kreten van mensen die ze op tv zien, mensen die hun brood verdienen met het schetsen van doemscenario’s, in dit geval de mensen die roepen dat de klimaatwetenschap een complot is om de burger kapot te maken. Want wat diegene dan doet is precies hetzelfde als wat hij de klimaatactivisten verwijt, namelijk doen alsof je iets zeker weet: wat de klimaatactivisten zeggen klopt niet honderd procent zeker, dus zij liegen, dat weet ik zeker.

De waarheid ligt in het midden, en die kan pas aan de oppervlakte komen als mensen die vertrouwen hebben in de klimaatwetenschap inzien dat niet iedereen dat vertrouwen heeft, waardoor ze in huiskamerdiscussies de terechte onzekerheid (‘Hoe weten we dat eigenlijk?’) kunnen begeleiden naar een voorlopige overtuiging (‘De wetenschap geeft ons een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid’), in plaats van de aanval (‘Waarom denk je in godsnaam dat de wetenschap zou liegen?’) die onvermijdelijk de zelfverdediging oproept (‘Blijkbaar zijn zulke vragen verboden, dus het wantrouwen is terecht’).

Het probleem is dat de meeste publieke discussies momenteel worden gevoerd door mensen die zeker zijn van hun mening, en die daarbij niet het geduld hebben om de onzekerheid van een ander te accepteren. Iedereen schreeuwt, en niemand luistert. Mensen die hun eigen onwetendheid durven toe te geven zijn in principe de slimste mensen ter wereld, maar omdat zij het zelfvertrouwen missen om zich zonder duidelijk standpunt in het medialandschap te begeven, wordt dat landschap overspoeld door Mensen Met Heldere Standpunten.

Er is in deze tijd dus een groot gebrek aan slimme mensen (waarmee ik bedoel: mensen die helder denken en eerlijk zijn over hun onwetendheid) die zichzelf niet al te serieus nemen. En omdat ik mezelf daartoe reken, ben ik helaas tot de conclusie gekomen dat ik mij in het publieke debat moet mengen. Niet om mensen ergens van te overtuigen, maar om hun onzekerheid te erkennen, waarna we samen een aan de rede onttrokken vertrouwen kunnen bouwen.

Want wanneer onzekerheid niet wordt erkend maar juist wordt genegeerd, afgeblaft of zelfs verdacht wordt gemaakt, ontstaat wantrouwen, en dat is het belangrijkste ingrediënt voor de afglijding richting totale chaos.

Dus eigenlijk wil ik zeggen dat ik onze beschaving van de ondergang ga redden. Maar dat klinkt zo pompeus, dus hou ik het simpel: we gaan het weer gezellig maken.

2 gedachten over “Helaas, de wereld heeft mij nodig”

  1. Mooi beschreven Dave. Heel fijn dit te lezen. We hebben veel gemeen in ons denken. Jij bent echter communicatief- en taalvaardiger.
    Kleine kanttekening: ik denk echter wel dat ik ipv het woord slim (in de groep slimme mensen waartoe jij volgens eigenzeggen behoord) het woord wijs zou gebruiken. Maar of dat slim (of wijs) is weet ik niet. Maarja dat is dan weer mijn onzekerheid.
    Eindelijk n politicus waarop ik oprecht mee eens zou zijn. Of blijft t bij de filosoof Dave.

    1. Yes, de allereerste reactie! En wat voor een. Ja, volledig eens dat wijs een geschikter woord is dan slim, maar omdat iedereen tegenwoordig zo graag slim wil zijn, terwijl wijsheid wat mij betreft de hoogste vorm van intelligentie is, heb ik het woord stiekem een beetje expres zo gebruikt – terugkapen die handel.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *