Ga naar de inhoud

De pizzabezorger probeerde mij op te lichten

Ik wilde wel een Thick Shake. Stond voor het eerst op het Thuisbezorgdmenu van Domino’s. Een rondje googelen leerde me dat de Thick Shake dikker is dan een gewone milkshake. Dat zei me niets, behalve dat ik er nog steeds trek in had.

Mijn vriendin was ook benieuwd, die wilde wel een paar slokjes proberen.

Neem er ook gewoon een, zei ik.

Nee, alleen een paar slokjes.

De bezorger had er geen zin in. Of hij was verlegen. Ik werd er in elk geval vrolijk van, zoals altijd als de ander passiever is dan ik. Toen ik de pizzadoos had aangenomen, en het blikje cola, zochten mijn ogen naar nog een tas. Naar de Thick Shake, waar ik steeds meer trek in had gekregen.

Het apparaat is stuk, zei de bezorger.

O, prima, zei ik meteen, mijn teleurstelling pijlsnel verborgen, achter een beleefdheid die aan dankbaarheid grensde. Ik stak nog net mijn duim niet op.

Je krijgt je geld terug, zei de bezorger.

Ik knikte. Natuurlijk kreeg ik mijn geld terug. Alles kwam goed. Ik liet mijn schouders een beetje zakken, om aan te geven dat ik geen haast had. Dat had ik wel.

De bezorger haalde een portemonneetje uit zijn broek, een rode, met grote gaten erin.

Er vielen drie warme muntjes in mijn hand.

Dit is 1,50, zei ik.

De bezorger deed iets met zijn lip. Verbazing misschien. Of ergernis. Het rode portemonneetje kwam in elk geval weer tevoorschijn, en het werd nog stiller nu, zelfs een beetje intiem, met z’n tweeën in de deuropening, samen in een misverstand. Of een diefstal.

Mijn hand kon weer open. Nog een paar muntjes.

Eerst dacht ik dat ik het verkeerd zag. Maar de bezorger maakte aanstalten om te vertrekken, dus ik had geen tijd om te twijfelen.

Nee, zei ik, en ik voelde mezelf sterker worden. Dit is 3,75.

Hij keek me aan, en toen weer weg.

Er mist nog een euro, zei ik.

Weer die lip. Nu met geluid. Ik dacht 3,75, zei hij.

4,75, zei ik, en ik hoorde mezelf een consument zijn.

Aan zijn blik kon ik zien dat ik gelijk had. Gespeelde verbazing. Hij haalde zijn schouders op, alsof hij zich neerlag bij een prijs die door mij was verzonnen.

Je moet me niet in de zeik nemen, wilde ik zeggen. Dan heb je de verkeerde. Maar dat deed ik niet. Toen ik ook de laatste euro had gekregen, zei ik: top, dankjewel.

En toen ik het even later aan mijn vriendin had verteld, staand, heen en weer lopend zelfs, omdat mijn lichaam nog vol zat met adrenaline, zei ze: eigenlijk moet je bellen.

Ja, zei ik. Eigenlijk wel.

Tags:

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *