Ga naar de inhoud

De bloemenverkoopster en de boze klant

Het verhaal komt van mijn vriendin. Of eigenlijk van de bloemenverkoopster. Mijn vriendin vertelde dat de bloemenverkoopster vertelde dat een van haar klanten boos was geworden omdat ze de term ‘afrikaantje’ had gebruikt. (Voor alle duidelijkheid: ze bedoelde hiermee de plant, niet een persoon.)

Wacht even. Voordat u zich opwindt (want ik weet dat u daar zin in heeft; over de klant of over de bloemenverkoopster, het is maar net in welk team u zit) wil ik eerst de mogelijke scenario’s met u bespreken.

In het eerste scenario is dit een waargebeurd verhaal. Ik kan het mij eigenlijk nauwelijks voorstellen, maar een beetje schrijver doet op z’n minst een poging. Dus daar gaan we.

Ik vermoed dat de klant in kwestie een witte vrouw was. Een iets oudere vrouw, achter in de zestig, met een abonnement op de Volkskrant. Na een indrukwekkende Facebookpost van een oud-klasgenoot was ze in het racismedebat gedoken en had ze het discours van de afgelopen (tientallen, honderden) jaren in een paar weken naar binnen gestouwd. Wat begon met nieuwsgierigheid en goede bedoelingen werd al gauw een obsessie waarover ze de controle verloor, en al dat onrecht schreeuwde om een dader. De climax voltrok zich, volkomen onverwacht, feitelijk buiten haar eigen bewustzijn om, tijdens de aankoop van een bloemetje, in een uitbarsting van woede die haar na afloop zelf verbaasde.

Zoiets.

Team-bloemenverkoopster houdt het niet meer, dat voel ik meteen. U wil zich druk maken. U wil een hekel aan de klant hebben en u wil die hekel vieren met medestanders. Maar laten we eerst scenario twee erbij nemen: het scenario waarin de bloemenverkoopster liegt.

Of nou ja, liegen is wel een wat grove beschuldiging, dat geef ik toe. Laat ik het houden op een verdraaiing van de werkelijkheid, ook nu weer met de beste bedoelingen: gezelligheid creëren. Misschien vroeg iemand ooit inderdaad een keer of dat nog wel mag, die plant een afrikaantje noemen, een opmerking met een knipoog natuurlijk, maar voor de kwaliteit van de anekdote die de bloemenverkoopster er achteraf van maakte, liet ze die knipoog achterwege. De anekdote werd een doorslaand succes. ‘Schat, dat méén je niet. Je mag ook helemaal níks meer, tegenwoordig.’ Men ging er van de weeromstuit als vanzelf extra bloemetjes door kopen.

Goed, tijd om de balans op te maken. Van beide scenario’s word ik mistroostig. Losgeslagen maatschappelijk debat in kleine, concrete vorm; de bloemenwinkel als opiniebijlage, als talkshow.

Daarom kies ik voor scenario drie: mijn vriendin heeft dit verzonnen. Inderdaad, die kans is nihil, maar als ik daarmee de samenleving voor een nieuw conflict behoed, dan neem ik mijn verlies. Vanaf nu is dit iets tussen haar en mij. Dus waagt u het niet om zich ermee te bemoeien. Met uw goede bedoelingen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *